
Welkom bij alweer de vijfde aflevering van de blog tuinieren 2021 met Joke & Fred.
Spitten
Hoera het lijkt wel lente! Eindelijk konden we weer naar de tuin. De grond is nog wel wat nat, maar Joke en Fred zijn weer verdergegaan met spitten. Een deel van de grond waar Phacelia had gestaan was al voor de vorst gespit, maar nu zijn ze gestart met de andere stukken.
Spitvork
Joke maakt gebruikt van een spitvork: dit werkt lichter dan een spade. Ook kan je met een vork de brokken grond stukslaan/kleinslaan. Doe je dit gelijk bij het spitten dan is de grond gelijk mooi klein en los. Grote brokken grond zijn later in het voorjaar lastig te bewerken; zeker als het weer een droog voorjaar wordt en de brokken snel uitdrogen en hard worden.

Onkruid
Joke en Fred verwijderen eerst het grove onkruid op het stuk dat ze gaan spitten: denk aan distels of grote pollen gras. Ook kweekgras wordt zoveel mogelijk weggehaald. De dikke wortels van de heermoes zit vaak dieper dan één-vork diepte en die laten ze zitten. Vroeger haalden ze de heermoeswortels er zoveel mogelijk uit, maar dat was veel werk en leek ook zinloos. Het bovengrondse heermoes wordt wel gedurende het jaar afgeschoffeld.
Zaaien
De komende week wordt ook binnen (in huis) gezaaid: zowel bloemen (gazania, geraniums) als vruchtgewassen (parika’s en pepers). Ook het zaaien van artisjokken staat op het programma. Om te zorgen voor extra warmte bij het zaaien gebruiken Joke en Fred een klein verwarmingsmatje dat onder de bak met zaaigoed ligt.
Nieuwe tuin
Dit jaar staat voor Joke en Fred in het teken van verhuizing naar een nieuwe tuin. Een tuin met uitzicht op het weiland en ‘s avonds de ondergaande zon 😊. Op deze nieuwe tuin moet nog veel gebeuren. Met hulp van de maandagochtendploeg worden nu tegels, stenen en oud ijzer weggehaald. Ook het verwijderen van de brandnetels zal komende weken veel tijd gaan vergen.
Niet spitten maar mulchen of woelen?
Vanuit het natuurlijk en ecologisch tuinieren en vanuit de permacultuur doet recent een andere mening opgang. Daarbij stelt men dat spitten een onnatuurlijk proces is en dat men de grond beter niet kan bewerken. Een ongestoorde bodem/grond zou beter zijn voor een gevarieerd en uitgebreid netwerk van micro- en macro-organismen. Deze organismen onderhouden de bodem en de grond en houden die luchtig. Zij voorkomen daarmee dat voedingsstoffen makkelijk uitspoelen én zij maken die voedingsstoffen goed beschikbaar voor de planten. Dit werkt alleen als de bodem steeds bedekt blijft, dus er moet wel gemulcht worden. Een compromis tussen wel of niet spitten is woelen: het bewerken van de grond zonder deze te keren. Dit kan bv. met een woelvork. De hefboomwerking maakt dat het hanteren van de woelvork minder kracht vraagt dan spitten. Ook op de Kromme Sloot zie we steeds vaker woelvorken.

Er zijn simpele pottenpersjes in de handel waarmee je zelf perspotjes kunt maken om in te zaaien. Je kunt er zoveel potjes mee maken als je wilt, je bent zuinig met zaad en het levert geen afval op. Ook heb je geen stapels plastic potjes meer nodig. De plantjes kunnen er goed in groeien en je kan zien wanneer het tijd is de zaailingen uit te planten. Het wortelgestel blijft onbeschadigd.
Maak een mengsel ongeveer 3 delen potgrond of compost en 1 deel zand en meng het goed door. Voeg dan water toe tot de boel flink nat is. Het moet zo nat zijn dat het goed zijn vorm houd als je er in knijpt. Vul daarmee het persje, draai het om en druk de knop in. Je krijgt dan een blokje dat stevig genoeg is om niet uit elkaar te vallen, maar luchtig genoeg om ruimte te bieden aan de worteltjes. In het midden van het potje zit al een gaatje waar je het zaadje in kunt leggen.
Zaai je meteen na het persen, dan hoef je geen water meer te geven, het potje zal nog verzadigd zijn. Stop een of twee zaadjes in het gaatje in het midden van het potje, en druk wat aan zodat het zaad bedekt wordt. Je kan het ook afdekken met wat zand of vermiculiet. Let wel op dat je de kluitjes nat houdt – het vocht verdampt immers gemakkelijk via de zijkanten. Zet de perspotjes zo dicht mogelijk tegen elkaar, om de verdamping via de zijkanten tegen te gaan. Het helpt om de potjes in een zaaibak te plaatsen en van onder af water te geven. Dek de zaaibak af met de deksel en zet het op een lichte, matig warme plek.
Je kan in februari bv. sla, broccoli, spitskool, andijvie, en rode bieten zaaien. Later in het jaar kan je perspotjes ook gebruiken om bv. kruiden te zaaien. Perspotjes zijn niet geschikt voor de wat grotere zaden (boon, pompoen, mais, zonnebloem, …
Twee weken geleden is de eerste zomerprei gezaaid. Zoals je op de foto ziet, is het goed gekiemd. Ook nu kan je nog heel goed zaaien. In de vorige blog kun je de tips teruglezen hoe je dat kan doen.
Vanaf eind januari kan je al de eerste prei zaaien. Afhankelijk van het weer kan je dan vanaf juli je eerste prei gaan oogsten. Er bestaan verschillende prei-rassen voor de verschillende teeltperiodes. Kies voor deze zomerprei een vroeg ras, bv.’ Bulgaarse reuzen’. Een zomerprei moet vlot kunnen groeien, en niet snel gaan ‘schieten’ (bloemstengelvorming). Doordat deze prei vaak wat sneller groeit, slijt de prei ook weer sneller op het land bij mindere weersomstandigheden. Herfstprei zaai je begin april onder platglas, plant je uit in juni en oogst je in september-december. Winterprei zaai je buiten in april. Winterprei groeit trager, uitplanten doe je in juli en je kunt van januari t/m maart-april oogsten. Zaai je zomerprei in diepe potjes (vanaf 11 cm); de prei blijft in het potje staan totdat ze groot genoeg zijn (‘potlood dik’) om uit te planten. Dit zal niet eerder dan eind maart/april zijn. Zorg dus voor voldoende voeding: vul de potjes voor zeker de helft met potgrond; hier bovenop doe je zaai/stekgrond.
Maak kleine gaatjes in het potjes en leg in elk ‘gaatje’ een zaadje. Je kan er ook twee zaadjes inleggen en uitdunnen als ze allebei opkomen. Dek af met wat zand of vermiculiet en geef wat water. Om te zorgen dat het warm en vochtig blijft kan je een plastic zakje over het potje doen. Sluit af met een elastiekje om het potje. Maak bovenin wel een gaatje voor het toelaten van ventilatie. Houd de potjes in de vensterbank (op het zuiden) lekker warm. Zorg wel dat ze vochtig blijven door vanonder water te geven. De zaadjes zullen na een week of twee/drie gaan kiemen.Als de plantjes eenmaal zijn opgekomen en goed gaan
Fred heeft 7 kruiwagens compost gehaald. Deze compost ligt nu verspreid op wat hopen op de tuin. Een deel is bestemd voor het aardbeienveldje. Omdat het afgelopen jaar vaak een hoge waterstand was en dit veldje daar last van had, willen we binnenkort de planten wat omhoog brengen en dan direct compost toevoegen. Compost die overblijft is straks voor in het zaai/plantseizoen. Het afgelopen jaar hebben we gemerkt dat het goed werkt om voor het zaaien of planten het betreffende stuk grond goed los te maken en in de bovenste laag wat compost te mengen.











